Juf Leentje vertrekt thuis om
8.15 uur. Om
8.22 uur stapt ze op de trein. Om
8.44 uur stapt ze uit de trein.
Dan moet ze nog
7 minuten te voet tot aan de school. Daar heeft ze nog
9 minuten voor de lessen beginnen.
Vraag A:Van het vertrek thuis tot het vertrek van de trein is
minuten.
Vraag B:Ze rijdt
minuten met de trein.
Vraag C:Om
uur komt ze op school aan.
Vraag D:Van thuis tot op school is
minuten onderweg.
Vraag E:Om
beginnen de lessen.